Meisjes gaan vaker met plezier naar school

Meer dan de helft van de meisjes (53,2%) geeft aan met plezier naar school te gaan. Bij de jongens is dat ruim 10% minder (namelijk 41,6%). Ouders zien dat veel positiever. Ruim 95% geeft aan dat volgens hen hun kind met plezier naar school gaat. Ook hier zijn ouders van meisjes iets positiever dan ouders van jongens (96,7% versus 95,2%).

 

Verschillen tussen jongens en meisjes

Met de Tevredenheidspeilingen meet Scholen met Succes sinds 1999 de waardering voor het onderwijs bij leerkrachten, ouders en leerlingen. Daarmee is in de loop der jaren een grote database opgebouwd waarmee nadere analyses op het verzamelde datamateriaal kunnen worden gemaakt. In deze beschouwing worden enkele verschillen in de uitkomsten tussen jongens en meisjes belicht. Daarbij worden ook de verschillen behandeld tussen de ouders van jongens en meisjes.

Alle genoemde verschillen zijn significant en komen uit onderzoek uitgevoerd door Scholen met Succes in 2016 en 2017, afgenomen onder ongeveer 60.000 ouders en 50.000 bovenbouw leerlingen.

Ouders van meisjes meer tevreden over contact met leerkracht en school

Ouders van meisjes zijn vaker tevreden over de omgang van de leerkracht met de leerlingen, over de inzet en motivatie van de leerkracht, de vakbekwaamheid van de leerkracht en over hoe de leerkracht naar de ouders luistert (gemiddeld 94,5% vs. 93,4%). Ook zijn zij meer tevreden over de informatie die zij ontvangen over hun kind (82,9% vs. 81,8%).

Gebouw en plein

Meisjes vinden over het algemeen de binnen- én de buitenkant van de school mooier dan jongens (gemiddeld 57% versus gemiddeld 50%). Jongens vinden het schoolplein weer leuker (53,7% versus 49,9%). Ouders van jongens zijn vaker tevreden over de veiligheid van de weg naar school en de netheid en hygiëne binnen de school (resp. 63,1% vs. 61,0% en 76,6% vs. 75,4%)

Taal en rekenen

Jongens geven vaker aan rekenen niet zo moeilijk te vinden en geven ook vaker aan het leuker te vinden. Hun ouders zijn doorgaans meer tevreden over de aandacht voor rekenen. Ouders van meisjes zijn weer meer tevreden over de aandacht voor taal terwijl meisjes vaker (dan jongens) aangeven taal niet zo moeilijk en het ook vaker leuk te vinden. Bovendien lezen meisjes vaker een boek (52,9% vs. 40,2%) terwijl jongens thuis vaker computerspelletjes spelen (62,9% vs. 25,5%).

Sociale veiligheid

Jongens geven vaker aan wel eens gepest, geschopt/geslagen of bedreigd te worden, maar ze komen ook vaker voor zichzelf op en durven te zeggen wat ze vinden. Meisjes voelen zich vaker onveilig op het schoolplein en lossen problemen vaker zelf op.

Zaakvakken en creativiteit

Jongens houden meer van de zaakvakken, meisjes meer van de creatieve vakken. Jongens geven vaker aan vakken als techniek, geschiedenis, aardrijkskunde en biologie leuk te vinden. Meisjes vinden knutselen en tekenen doorgaans leuker dan jongens.

Verschillen in brein, verschillen in leren

De getoonde verschillen in de Tevredenheidspeilingen sluiten indicatief aan bij voorzichtige bevindingen uit hersenonderzoek naar verschillen in leren tussen jongens en meisjes. Die verschillen zijn er maar ze zijn subtiel en de wetenschappers hebben nog niet helemaal duidelijk hoe genen en omgeving (nature-nurture) op elkaar inwerken. Wat wel duidelijk is, is dat er verschillen zijn in bewegingspatronen, spelgedrag, tekenen, impulscontrole, ruimtelijk inzicht, taalvaardigheid en behoefte aan beweging/actie1.

De hersenen van meisjes zijn in rust (bijvoorbeeld: luisterend naar de leraar) beter doorbloedt dan die van jongens. Dit betekent dat er meer activiteit in het brein is en dat een meisje er beter ‘bij’ blijft. Bij jongens betekent een brein in rust ook ècht in rust, dus in de ‘slaapstand’. Van nature hebben jongens meer actie nodig en is het voor meisjes makkelijker alert te blijven.
Verder hebben meisjes meer oxytocine, het ‘knuffelhormoon’. Dit zorgt ervoor dat aardig zijn en aardig gevonden worden (ook door de leraar) belangrijk voor ze is. Jongens zijn daar niet of minder mee bezig. Ze zijn (mede als gevolg van het hormoon testosteron) wat agressiever, impulsiever, competitiever en, zoals gezegd, actiever2.

  1. Ontleend aan http://www.breinbewust-onderwijs.nl/files/brein-meisjes-jongens.pdf (Dr. C. Vreugdenhil)
  2. Ontleend aan: http://www.maakwerkvanonderwijs.nl/breinonderzoek-jongens-leren-anders-dan-meisjes/
Gepubliceerd in Publicaties.