Calamiteitenplan

Een calamiteitenplan zou tot het standaard inventaris van een school moeten behoren. Elke organisatie loopt risico’s maar de aard hiervan is afhankelijk van het soort bedrijf. In een schoolorganisatie zal bijvoorbeeld niet snel een lading producten uit de handel moeten worden genomen. Binnen de school kunnen de volgende grote en kleine rampen voorkomen:

  • Problemen met het schoolgebouw of de directe omgeving van de school. Zoals: brand, explosie, inbraak, diefstal, lekkage, vernieling, ongeluk, staking openbaar vervoer, verkeersomleiding en achterstallig onderhoud.
  • Problemen met financiële en fiscale zaken zoals; fraude, belastingontduiking, faillissement, budgettaire tekorten en schulden.
  • Problemen met personeel, leerlingen en overige persoonlijke zaken. Zoals: geweldpleging, aanranding, verkrachting, intimidatie, staking, gijzeling, ontvoering, (zelf)moord, sterfgeval, ontslag, demotivatie, spijbelen, ontevreden ouders/leerlingen, schooluitvaller, en verziekte teamgeest.
  • Problemen met het onderwijs, de faciliteiten en de organisatie. Zoals: rapport- cijferfraude, lesuitval, slechte examenresultaten, verwonding tijdens de les/uitstapje, escalatie van productachterstanden (verouderde methoden, slechte begeleiding).
  • Problemen met negatieve berichtvorming zoals: geruchtvorming, roddel, laster, lekken van klachten, suggestieve berichtgeving en beloften niet waarmaken.

In het calamiteitenplan moet komen te staan hoe moet worden omgegaan met de pers bij kleine en grote calamiteiten. Het gaat vaak om klachtenbehandeling en om communicatie naar klanten die niet tevreden zijn. Bij grote calamiteiten moet men overgaan tot crisiscommunicatie.