Enquêtes

Communicatie verloopt beter als bekend is wat leeft bij de doelgroepen waarop de communicatie zich richt. Dat geldt voor interne communicatie (eigen medewerkers en leerlingen) en dat geldt voor externe communicatie (ouders, mogelijke nieuwe leerlingen, publiek). Enquêtes helpen bij het zichtbaar maken van belangrijke thema’s binnen uw organisatie.

Een enquête is een gestandaardiseerde vorm van interviewen. Van te voren zijn vragen geformuleerd die is een vaste volgorde worden gesteld. Een enquête kan schriftelijk, mondeling  en telefonisch worden afgenomen.

Kenmerken Mondeling Telefonisch Schriftelijk
Vraagstelling Uitgebreid en diepgaand Beperkt en eenvoudig Beperkt en eenvoudig
Respons Hoog Hoog Laag
Omvang onderzoekspopulatie Beperkt Groot Groot tot zeer groot
Kosten Erg hoog Hoog Laag
Anonimiteit Gering Matig Hoog
Representativiteit Gering Redelijk Hoog
Standaardisatie Gering Redelijk Hoog
Controle op beantwoording Beperkt (alleen door interviewer) Hoog (bijv. via meeluisteren) Laag (alleen via analyse achteraf)

Richtlijnen vragenlijst

  1. Taalgebruik moet begrijpelijk zijn. Schrijf zo eenvoudig mogelijk, zonder moeilijke woorden, abstracte begrippen of afkortingen. Gebruik korte zinnen met eenvoudige opbouw. Dus niet: kunt u aangeven op grond van welke overwegingen u het besluit hebt genomen om deze onderwijsinstelling te kiezen? Maar: waarom hebt u deze school gekozen?
  2. Vraag niet meer zaken tegelijk. Een stelling mag slechts één vraag bevatten. Dus niet: wanneer hebt u welke informatie over onze school ontvangen en hoe beviel die? Maar: welke informatie over onze school hebt u ontvangen? Wanneer hebt u die informatie ontvangen? Hoe hebt u die informatie beoordeeld?
  3. Gebruik geen ontkenningen. Dus niet: Komt het nooit voor dat de groep 8 leerkracht geen informatie geeft? Maar: geeft de groep 8 leerkracht informatie?
  4. Vermijd dubbelzinnige of vage formuleringen. Dus niet: hebt u lang over het schoolkeuzeproces gedaan? Maar: Wanneer ging u voor het eerst bezig met het kiezen van een school? Wanneer besloot u een bepaalde school te kiezen?
  5. Vermijd suggestieve vraagstelling. Dus niet: Vindt u ook dat scholen de laatste tijd teveel gebruik maken van reclametechnieken? Maar: Kent u scholen die gebruik maken van reclametechnieken? Indien ja, gebeurt dat veel? Wat vindt u daarvan?
  6. Vermijd vragen die iets veronderstellen dat niet het geval hoeft te zijn. Dus niet: Hebt u vaak met uw echtgenoot gepraat over de schoolkeuze van uw kind? Maar: met wie hebt u gepraat over de schoolkeuze van uw kind? Hoe vaak was dat?
  7. Vragen moeten eenduidig zijn. Zorg dat ze voor slechts één uitleg vatbaar zijn.

Open en gesloten vragen

  • Open vragen: hierbij is de respondent vrij om elk antwoord te geven. Dit soort vragen kunnen goed gebruikt worden bij oriënterend onderzoek waarbij nog niet duidelijk is wat de antwoordmogelijkheden kunnen zijn. Het wordt ook veel gebruikt bij meer diepgravend onderzoek waarbij het van belang is om achtergronden en meningen boven water te krijgen. Het nadeel van open vragen is dat de verwerking vrij lastig, arbeidsintensief en hoog gekwalificeerd werk is. Ook de onderlinge vergelijking is ingewikkeld. Dat kan opgelost worden door achteraf categorieën samen te stellen en de antwoorden alsnog te scoren.
  • Gesloten vragen: bij gesloten vragen is de verwerking eenvoudiger en de vergelijkbaarheid groter. Een gesloten vraag heeft vaste antwoordmogelijkheden waaruit een respondent kan kiezen. Dit soort vragen is goed te gebruiken bij toetsend, kwantitatief onderzoek. Een goed voorbeeld van een vragenlijst met dergelijke gesloten vragen is de tevredenheidpeiling (zie voorbeeld, hierna) voor ouders en leerlingen die zowel in het primair als in het voortgezet onderwijs in Rotterdam periodiek worden afgenomen. Bij gesloten vragen zijn de antwoordcategorieën van belang. Er zijn diverse mogelijkheden: tweekeuze/dichotoom (ja/nee, eens/oneens), meerkeuze (A, B, C, D), antwoordschaal (lopen van 1 oneens tot 5 oneens), item vergelijking (AxB, AxC, AxD).

Aandachtspunten bij het formuleren van antwoordcategorieën

  • Zorg dat de antwoordmogelijkheden volledig zijn.
  • Zorg dat alle alternatieven genoemd zijn
  • Zorg dat er geen leemtes overblijven tussen de categorieën zodat respondenten worden uitgesloten.
  • Zorg dat de antwoordcategorieën elkaar niet overlappen zodat dubbelscores voor kunnen komen.
  • Zorg dat de antwoordcategorieën dezelfde dimensie meten en niet bijvoorbeeld tijd en gebeurtenis door elkaar. Dus niet op de vraag wanneer besloot u uw kind aan te melden?
    A. voor kerstmis, B. tijdens of na kerstmis, C. na afwijzing elders, D. na gesprek met decaan.

Voorbeeld tevredenheidspeiling voor het primair onderwijs

De tevredenheidspeiling is een standaardvragenlijst met zo’n 65 vragen voor ouders en zo’n 75 vragen voor leerlingen. De vragen zijn verdeeld over 6 tot 7 categorieën waarin diverse aspecten van tevredenheid bij ouders en leerlingen worden vergeleken.

De schriftelijke enquête heeft als doel de relatie met de ouder en met de leerling nog verder te verbeteren. Het instrument dient een bijdrage te leveren aan het kwaliteitsbeleid en aan het marketing- en profileringsbeleid van de school.

De vragenlijst wordt via een optical mark reader (ORM) door de computer verwerkt. Het standaardkarakter maakt opbouw van een databank mogelijk waardoor elke school de eigen score kan vergelijken met het landelijk of stedelijk gemiddelde (benchmarking) dan wel met de eigen score van eerdere metingen. De verkregen informatie is voor verschillende doeleinden bruikbaar:

  1. Nagaan of de beleving (door uw klanten) van de school overeenkomt met wat u nastreeft
  2. Discussie in het team op gang brengen over wenselijke en onwenselijke antwoorden/ aspecten. Eigen kwaliteitscriteria en -normen formuleren
  3. Maatregelen nemen om aspecten waarover de ouders en leerlingen ontevreden zijn bij te stellen. Gericht werken aan kwaliteitsverbetering
  4. Positieve resultaten gebruiken voor de profilering van uw school
  5. Aan de inspectie duidelijk maken dat u ernst maakt met het kwaliteitsbeleid op uw school
  6. Indien verwerking op klasniveau plaatsvindt: gegevens gebruiken voor het functioneringsgesprek met leerkrachten

Meer informatie

Meer weten? Neem contact met ons op.

Contact